Zonnestelsel
Wetenschappers ontdekken dat de Maan recent geologisch actief was
Wetenschappers zijn aan de hand van beelden, die gemaakt werden door de Amerikaanse Lunar Reconnaissance Orbiter (LRO), tot de conclusie gekomen dat de Maan recent geologische activiteit gekend heeft. Zo werden op het Maanoppervlak lange smalle geulen ontdekt die wijzen op tektonische activiteit die ongeveer vijftig miljoen jaar oud is (leeftijd van de Maan: 4,5 miljard jaar). Deze ontdekking is vrij opvallend aangezien deze geulen, ook wel 'graben' genoemd, ontstaan doordat de korst zich 'uitrekt' waardoor er scheuren ontstaan in het Maanoppervlak. Deze scheuren zorgen uiteindelijk voor grondverzakkingen. In 2010 ontdekte men dat de kern van de Maan langzaam afkoelt. Hierdoor 'krimpt' onze trouwe buur waardoor de korst wordt samengedrukt en er nieuwe bergen gevormd worden. De aanwezigheid van de 'graben' verteld wetenschappers dat er krachten op de Maan werkzaam zijn die de Maankorst uit elkaar trekken. Dit wijst er dan weer op dat de kracht van de krimpende Maan wellicht niet zo groot is. De onderzoekers hopen dat ze op een dag de exacte leeftijd van de graben kunnen achterhalen aangezien deze informatie van groot belang is voor verder geologisch Maanonderzoek. De Amerikaanse Lunar Reconnaissance Orbiter heeft tot op heden nog maar de helft van het Maanoppervlak in hoge resolutie in beeld gebracht waardoor wetenschappers er van overtuigd zijn dat ze in de toekomst wellicht nog veel meer gaan ontdekken over het Maanoppervlak.
Twee nieuwe Jupitermaantjes ontdekt
Sterrenkundigen hebben met behulp van de 6,5 meter Baade-telescoop op de Las Campanas sterrenwacht in Chili twee nieuwe maantjes ontdekt rondom de reuzenplaneet Jupiter. De twee kleine maantjes werden in september 2011 al ontdekt en zijn ongeveer één kilometer groot. De twee bewegen zich in wijde, trage banen om Jupiter en hebben een omlooptijd van 580 en 726 dagen. Astronomen vermoeden dat de twee mini-maantjes stukjes van een komeet of asteroïde zijn die ooit werd gevangen door de zwaartekracht van de reuzenplaneet. De twee maantjes, die de namen S/2011 J1 en S/2011 J2 dragen, maken deel uit van de zogenaamde 'retrograde' zwerm van Jupiter. Deze zwerm bestaat uit kleine maantjes die op grote afstand en in verkeerde richting rond Jupiter draaien (tegen de draairichting van de planeet). De banen van de retrograde objecten rondom Jupiter zijn ook sterk geheld en zeer excentrisch. Wetenschappers vermoeden dat er zich nog veel meer van deze objecten in de retrograde zwerm bevinden. Tot op heden staat de teller van het aantal gekende Jupitermanen op 67.
Verbergt Jupitermaan Europa net onder zijn ijskorst meren?
Amerikaanse wetenschappers van de Universiteit van Texas zijn aan de hand van beelden, die tussen 1995 en 2003 gemaakt werden door de Galileo ruimtesonde, tot de ontdekking gekomen dat er zich op slechts enkele kilometers onder de ijskorst van de Jupitermaan Europa grote 'meren' van vloeibaar water moeten bevinden. Tot nog toe werd aangenomen dat dit water zich veel dieper onder de ijskorst zou bevinden. Onderzoekers hadden eerder al ontdekt dat Europa gehuld is in een dikke ijskorst waaronder zich een oceaan van vloeibaar water bevindt. Bovenop de ijskorst bevindt zich een chaotisch terrein wat voor de wetenschap tot op heden een groot mysterie was. Uiteindelijk heeft men soortgelijke processen op Aarde vergeleken en kwam men tot de vaststelling dat zich op een diepte van slechts drie kilometer onder de ijskorst van Europa grote bellen van water moeten bevinden. Interactie tussen de onderliggende bellen en het ijs aan het oppervlak van de ijskorst van Europa zou ervoor zorgen dat het oppervlak enorm verbrokkeld is. Om tot deze conclusie te komen heeft men ondermeer gekeken naar de manier hoe vulkanen op Aarde de ijskappen verstoren. Indien deze nieuwe theorie klopt, betekent dit wellicht ook dat er tussen de diepe oceaan en het oppervlak van de Jupitermaan een uitwisseling van warmte en mineralen plaatsvindt. Hierdoor is Europa een zeer goede kandidaat om leven te bevatten. Of de onderzoekers het aan het juiste eind hebben, zal wellicht een onbemande ruimtesonde moeten aantonen die Europa van nabij bestudeert. Momenteel zijn er plannen tussen de Verenigde Staten en Europa voor de dergelijke gezamenlijke missie die rond 2020 zou moeten van start gaan.
Planetoïde 2005 YU55 scheert dinsdag langs de Aarde
In de nacht van dinsdag 8 op woensdag 9 november 2011 zal een planetoïde ter grootte van een vliegdekschip langs de Aarde vliegen (omstreeks 00u28 Belgische tijd). De 400 meter grote planetoïde, genaamd 2005 YU55, zal zich komende dinsdag op een afstand van ongeveer 325 000 kilometer van de Aarde bevinden (dichter dan de afstand Aarde - Maan) maar vormt volgens wetenschappers geen enkel gevaar voor de Aarde of de Maan. Het is wel de meest nabije ontmoeting met een dergelijk hemellichaam sinds 35 jaar. Planetoïde die zo dicht bij de Aarde komen, krijgen de naam 'aardscheerders'. Wetenschappers houden het object nauwlettend in de gaten en merkten de steenmassa voor het eerst op in 2005 tijdens waarnemingen aan het Steward Observatory in de Verenigde Staten. Bij zijn kortste afstand tot de Aarde zal planetoïde 2005 YU55 een helderheid van ongeveer magnitude 11 halen waardoor deze zichtbaar moet zijn met amateur-telescopen. Indien 2005 YU55 toch zou inslaan op de Aarde zou deze een krater veroorzaken die 6,4 kilometer breed en 1,7 kilometer diep zou zijn. De impact zou een aardbeving veroorzaken met een kracht van 7.0 op de schaal van Richter. Voor wetenschappers zijn dergelijke aardscheerders zeer nuttig aangezien deze ons meer kunnen vertellen over het ontstaan van het zonnestelsel. De passage van 2005 YU55 zal met radarsystemen in Californië en Puerto Rico op de voet gevolgd worden zodat wetenschappers kunnen achterhalen of er zich kraters, bevroren ijs of waterhoudende mineralen op de asteroïde bevinden. De volgende keer dat een planetoïde met deze omvang op een dergelijke 'korte' afstand langs de Aarde zal scheren, is pas in 2028. Passages van kleinere planetoïden langs de Aarde, met afmetingen tot enkele meters, vallen echter vaker voor. Zo vloog de tien meter grote planetoïde 2010 TD45 in oktober 2010 nog op een afstand van 46 000 kilometer langs onze planeet.
Ijs in het (nieuwe) zonnestelsel
Sinds 2006 heeft de Internationale Astronomische Unie (IAU) de samenstelling van het zonnestelsel gewijzigd in 8 planeten, 5 dwergplaneten, een asteroïdengordel, de Edgeworth-Kuiper gordel, Small Solar System Bodies (SSSB) en de Opïk-Oort wolk, bron van kometen. De aanleiding hiervan was de ontdekking van objecten voorbij de baan van Neptunus, waarvan tenminste één (2003 UB313 later “Eris” hernoemd) groter was dan de planeet Pluto. Ondanks het protest van vele schoolkinderen, telt het nieuwe zonnestelsel nu 4 Aardachtige planeten (Mercurius, Venus, Aarde en Mars) en 4 gasreuzen (Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus). De Astronomische Eenheid (AE), de gemiddelde afstand tussen de Zon en de Aarde (150 miljoen kilometer), blijft de meetlat binnen ons zonnestelsel. Ter vergelijking, één lichtjaar is een afstand gelijk aan 63240 AE, en de dichtst bijzijnde ster, Proxima Centauri (sterrenbeeld Centaur) staat op 265600 AE.
Nieuwe ski-bestemming: Enceladus
Wetenschappers zijn er, aan de hand van nieuwe gegevens, van overtuigd dat de Saturnusmaan Enceladus een perfecte bestemming moet zijn voor ski-liefhebbers. Op sommige delen van het bevroren oppervlak bevindt zich een laag van extreem fijn poedersneeuw. Aan de zuidpool van Enceladus heeft men eerder al actieve geisers ontdekt die ondermeer stofdeeltjes en ijskristallen de ruimte inspuiten tot op een hoogte van ongeveer 500 kilometer. Op basis van berekeningen voorspelden onderzoekers vorig jaar al dat materiaal in de vorm van extreem fijn poedersneeuw uit de pluimen van de geisers zou kunnen neerdwarrelen tot op het oppervlak van de maan. Deze theorie lijkt nu te worden bevestigd door nieuwe metingen die gemaakt werden met de Cassini ruimtesonde die zich in een baan om Saturnus bevindt. De sneeuwvlokjes op Enceladus zijn slechts één à twee micrometer in middellijn en de dikte van de sneeuwlaag op Enceladus neemt met meer dan een duizendste van een milimeter per jaar toe. Aangezien de sneeuwlaag op sommige plaatsen ongeveer honderd meter dik is, zijn de wetenschappers er dan ook van overtuigd dat de geisers al tientallen miljoenen jaren actief moeten zijn. Wellicht zal dit een droom voor vele ski-liefhebbers blijven aangezien de zwaartekracht op Enceladus slechts één procent bedraagt van de zwaartekracht op Aarde en de maan maar liefst 1,5 miljard kilometer van ons verwijderd is. Enceladus heeft een opvallende albedowaarde van ongeveer 0,9 wat wil zeggen dat het oppervlak van dit hemellichaam vrijwel alle zonlicht reflecteert.