Spacepage RSS
Spacepage op YouTube
Spacepage op Twitter
Spacepage op Facebook
Advertentie

ExoplanetEen internationaal team van sterrenkundigen en wetenschappers hebben met behulp van ondermeer de Kecktelescoop op Hawaii een exoplaneet ontdekt die mogelijk 'leefbaar' kan zijn. De planeet draait om de ster Gliese 667C en bevindt zich slechts 22 lichtjaar van de Aarde. Wat de planeet mogelijk 'leefbaar' maakt is het feit dat deze minstens 4,5 keer zo zwaar is als de Aarde waardoor dit officieel een zogenaamde 'superaarde' is. Daarbij moet ook gezegd worden dat de planeet éénmaal om de 28 dagen zijn moederster cirkelt. Ondanks de kleine afstand tot de moederster betekent dit niet dat het extreem heet is op deze exoplaneet aangezien de ster een zwakke rode dwerg is van de M-klasse. Deze ster is veel kleiner en driemaal zo licht als de Zon. De warmte die de planeet ontvangt van zijn moederster is te vergelijken met de warmte die de Aarde opvangt van de Zon. Volgens wetenschappers is Gliese 667Cc hierdoor de beste kandidaat voor omstandigheden die water en wellicht ook leven mogelijk maken zoals wij dit kennen. De planeet werd ontdekt door de 'schommelingen' van de moederster te bestuderen. Door de gravitatiekracht van de exoplaneet 'schommelt' de moederster. Deze schommelingen kan men afleiden uit een een Doppler-verschuiving van de spectraallijnen van de ster. Dit is niet de eerste exoplaneet die men rond Gliese 667C ontdekt. Enkele jaren geleden werd al een zogenaamde 'hete superaarde' ontdekt die éénmaal om de zeven dagen om de ster cirkelt. Astronomen vermoeden dat er zich nog meer planeten rond deze bijzondere ster bevinden aangezien men aanwijzingen heeft van een derde superaarde en een gasreus. Wat Gliese 667C en zijn planetenstelsel nog meer bijzonder maakt is dat deze ster deel uitmaakt van een drievoudig stersysteem.

Gepubliceerd in
donderdag, 26 januari 2012 19:47

Kepler ontdekt elf planetenstelsels

ExoplaneetDe Amerikaanse Kepler ruimtetelescoop blijft astronomen verbazen. De planetenjager heeft maar liefst elf nieuwe planetenstelsels aan zijn lijst van ontdekkingen toegevoegd. Alles samen bevatten deze stelsels minstens 26 exoplaneten. Hierdoor is het aantal ontdekte Kepler-planeten in één keer verdubbeld. De nieuwe exoplaneten verschillen in grootte van anderhalf keer de Aarde tot groter dan Jupiter en bewegen op kleine afstanden om hun moedersterren. Zo variëren hun omlooptijden van 6 tot 143 dagen en staan ze allemaal dichter tot hun moederster dan de planeet Venus tot de Zon. Aangezien de pas ontdekte exoplaneten op kleine onderlinge afstanden om hun moederster draaien, is hun onderlinge aantrekkingskracht dan ook groot genoeg om elkaars baanbewegingen te versnellen of te vertragen. Net als de andere exoplaneten die Kepler al ontdekte, werden ook deze planeten ontdekt door de helderheden van meer dan 150 000 sterren in de gaten te houden in de sterrenbeelden Lier en Zwaan. Zodra er, vanaf de Aarde gezien, een planeet voor zijn moederster schuift, wordt het licht van de ster iets verduisterd en zal Kepler dit meten. Voor de ruimtetelescoop is drie keer zo een dip in de lichtsterkte van de ster genoeg om de massa, omvang en en omlooptijd te achterhalen van de exoplaneet. Het bestaan van meerdere exoplaneten om één ster kan dan weer afgeleidt worden uit wisselende omlooptijden. Tot op heden heeft Kepler al meer dan 2300 kandidaat-planeten ontdekt waarvan in iets meer dan zestig gevallen hun bestaan werd bevestigd door vervolgwaarnemingen met andere telescopen.

Gepubliceerd in
woensdag, 07 december 2011 09:53

Vampierster geeft zijn geheimen prijs

VampiersterAstronomen hebben de beste opnamen ooit verkregen van een ster die het grootste deel van zijn materiaal aan een vampierachtige begeleider is kwijtgeraakt. Door het licht van vier telescopen van ESO’s Paranal-sterrenwacht te combineren, creëerden zij een 130 meter grote virtuele telescoop met een beeldscherpte die vijftig keer zo groot was als die van de Hubble-ruimtetelescoop van NASA en ESA. De nieuwe beelden laten zien dat de materie-overdracht van de ene ster naar de andere verrassend rustig verloopt.

 

 

Gepubliceerd in

AR 1339Momenteel bevindt zich op het oppervlak van de zon een gigantische zonnevlek. De zonnevlek, die de naam AR 1339 kreeg, is ongeveer 80 000 bij 40 000 kilometer groot en verscheen op 3 november 2011 aan de noordoostelijke rand van onze ster. Zonnevlekken hangen samen met koelere plekken op de het oppervlak van de zon en hun aantal is een maat voor de activiteit van onze ster. NASA's Solar Dynamics Observatory kon de reusachtige zonnevlam meteen in beeld brengen (zie video). Volgens wetenschappers is dit de grootste zonnevlek die ze in jaren gezien hebben. De onderzoekers die deel uitmaken van het Solar Dynamics Observatory noemen deze zonnevlek dan ook 'bad boy'. De donkere kernen, de zogeheten umbra's, zijn groter dan de Aarde. Dergelijke zonnevlekken kunnen enorme zonnevlammen produceren en eventueel ook Coronal Mass Ejections (CME’s) waarbij geïoniseerd gas de ruimte wordt uitgestoten. Met kleine telescopen is de zonnevlek AR 1339 al makkelijk te zien mits u natuurlijk de noodzakelijke filters gebruikt om de ogen te beschermen. Meer info over de zon, poollicht en zonne-activiteit: http://www.poollicht.be

Gepubliceerd in Ruimteweer

Sterrenkundigen hebben met behulp van de Amerikaanse Spitzer ruimtetelescoop een nieuwe band van stof ontdekt rondom de ster Eta Corvi in het zuidelijke sterrenbeeld Raaf (Corvus). De wetenschappers vermoeden dat de stofband bevolkt wordt door zeer veel kometen die eventuele exoplaneten in de buurt continue zouden bombarderen. Dergelijke situatie is te vergelijken met het 'Late Heavy Bombardment' dat zich in vroegste periode van ons zonnestelsel afspeelde (4,0 tot 3,8 miljard jaar geleden). Tijdens deze periode werden de jonge planeten en hun manen continue bestookt met kometen die op Aarde wellicht de oceanen deden ontstaan en koolstof naar onze planeet brachten. Het bestaan van deze periode werd ontdekt bij het bestuderen van de ouderdom van kraters op de Maan en na onderzoek van Maanstenen die door de Apollo-astronauten werden meegebracht. Tot op heden is het echter nog niet duidelijk wat de reden is voor het Late Heavy Bombardment in het zonnestelsel. De sterrenkundigen leggen bij de ster Eta Corvu de link met het Late Heavy Bombardment doordat de spectrograaf aan boord van Spitzer het spectrum van de stofband rond de ster analyseerde. Hieruit bleek dat de chemische samenstelling van de stofband sterk overeen kwam met die van de Almahata Sitta-meteoriet die in 2008 neerkwam in Soedan, Afrika. In 2005 ontdekten astronomen al een eerste ring van stof rondom Eta Corvu die zich op ongeveer 150 Astronomische Eenheden van de ster bevindt. Deze ring is te vergelijken met de Kuipergordel rondom het zonnestelsel en bestaat vooral uit ijsachtige hemellichamen. Voor de sterrenkundigen is onderzoek zoals dat van Eta Corvu van zeer groot belang aangezien men op die manier meer leert over het ontstaan van het zonnestelsel en de omstandigheden waarin de Aarde ontstond.

Gepubliceerd in Heelal
maandag, 12 september 2011 18:58

Vijftig nieuwe exoplaneten ontdekt met HARPS

SuperaardeAstronomen die gebruik maken van ESO’s geavanceerde exoplanetenjager HARPS hebben vandaag een rijke buit van meer dan vijftig nieuwe exoplaneten gepresenteerd. Zestien van deze exoplaneten zijn ‘superaardes’, en één daarvan bevindt zich in de leefbare zone van zijn ster. Door de eigenschappen van alle tot nu toe met HARPS gevonden planeten te onderzoeken, hebben de astronomen ontdekt dat ongeveer vier van de tien sterren die op de zon lijken minstens één planeet hebben die lichter is dan Saturnus. De HARPS-spectrograaf van de 3,6-meter telescoop van de ESO-sterrenwacht op La Silla (Chili) is de meest succesvolle planetenzoeker ter wereld (1). Het HARPS-team, onder leiding van Michel Mayor (Universiteit van Genève, Zwitserland), heeft vandaag de ontdekking gepresenteerd van meer dan vijftig nieuwe exoplaneten, waaronder zestien superaardes (2). Nooit eerder werden zoveel van zulke planeten tegelijkertijd aangekondigd (3). De presentatie van de nieuwe ontdekkingen vindt plaats bij een conferentie over extreme planetenstelsels in Wyoming (VS), waar 350 exoplaneetdeskundigen bijeenkomen.

Gepubliceerd in ESO persberichten
woensdag, 07 september 2011 08:59

Jonge sterrenhoop in de schijnwerper

NGC 2100Deze frappante opname (zie afbeelding) van de open sterrenhoop NGC 2100 is gemaakt met ESO’s New Technology Telescope. Deze heldere verzameling sterren is ongeveer 15 miljoen jaar oud en bevindt zich in de Grote Magelhaense Wolk, een nabij buurstelsel van de Melkweg. De sterrenhoop is omringd door gloeiend gas van de dichtbijgelegen Tarantulanevel. Door de nabijheid van de indrukwekkende Tarantulanevel (eso 0650) en de kolossale sterrenhoop RMC 136 (eso 1030) zien waarnemers NGC 2100 vaak over het hoofd. Het gloeiende gas van de Tarantulanevel probeert ook op deze foto alle aandacht naar zich toe te trekken – de kleurrijke gebieden liggen aan de rand van deze nevel. Deze nieuwe foto kwam tot stand door met het EMMI-instrument (1) van de New Technology Telescope van de ESO-sterrenwacht op La Silla (Chili) opnamen te maken door verschillende kleurfilters. De sterren zijn in hun natuurlijke kleuren afgebeeld; het licht van gloeiende, geïoniseerde waterstof (hier rood gekleurd) en zuurstof (blauw) is daaroverheen gelegd.

Gepubliceerd in ESO persberichten
woensdag, 31 augustus 2011 21:11

De ster die niet zou mogen bestaan

SDSS J102915+172927Een team van Europese astronomen heeft met behulp van ESO’s Very Large Telescope (VLT) een ster opgespoord die volgens velen niet zou mogen bestaan. Ze ontdekten dat deze ster naast waterstof en helium bijzonder weinig andere chemische elementen bevat. Deze opmerkelijke samenstelling plaatst hem in de ‘verboden zone’ van een breed geaccepteerde theorie voor stervorming, wat betekent dat hij eigenlijk nooit had mogen ontstaan. De onderzoeksresultaten verschijnen op 1 september 2011 in het tijdschrift Nature. Een zwakke ster in het sterrenbeeld Leeuw, met de aanduiding SDSS J102915+172927 (1), blijkt minder elementen zwaarder dan helium (door astronomen ‘metalen’ genoemd) te bevatten dan alle andere sterren waarvan de samenstelling is onderzocht. De ster is lichter dan de zon en waarschijnlijk meer dan 13 miljard jaar oud.

Gepubliceerd in ESO persberichten